De onbehandelbaren

In een eerdere blog wees ik op het werk van Dalrymple, die zich verzet tegen de manier waarop de maatschappij steeds vaker criminele daders als slachtoffers ziet, zie http://angelawerkt.wordpress.com/2009/08/23/bij-de-bovenkant-hoort-ook-de-onderkant/. In dit stukje ga ik verder met dit thema, maar dan vanuit de filosofische hoek en verbreed naar het fenomeen ‘onderklasse’ in zijn geheel.

De Franse filosoof Michel Foucault heeft een aantal indrukwekkende werken geschreven over hoe wij als maatschappij met gekte omgaan. Het fenomeen ‘gekkenhuis’, tegenwoordig ‘psychiatrische inrichting’ is betrekkelijk nieuw en dateert van het eind van de 18e eeuw. In de analyse van Foucault laat hij zien hoe het afwijkende steeds meer een ziekte wordt. Sporen daarvan zijn alom tegenwoordig in de huidige maatschappij, waarbij met name de medicalisering van gemoedstoestanden op dit moment opvallend is. Je bent dus tegenwoordig niet verdrietig, maar depressief (en dat kan behandeld worden).  Deze drang naar behandeling is een rechtstreekse vervolg van een diepgewortelde geloof in technologie, waarbij de medische wetenschap een haast goddelijke plek krijgt toebedeeld. Foucault toont aan dat wij met afwijkingen en gekte steeds moeilijker weten om te gaan. Het ‘andere’ wordt niet meer gezien als een plaats van verfrissing, of als iets dat gewoon bij het leven hoort. Deze ontwikkeling maakt dat de bandbreedte waarbinnen we als ‘normale’ mensen zonder afwijkingen kunnen functioneren, steeds smaller wordt.

Het versmallen van de bandbreedte van normaliteit is funest voor de onderklasse. Waren ze eerst misschien een beetje raar, nu hebben ze helemaal geen plek meer in de samenleving buiten de instituten waarin ze worden opgeborgen. De bandbreedte van normaliteit sluit ze uit van zinvolle deelname aan de samenleving. In een werk omgeving worden ze niet geaccepteerd, er is decennia lang beleid gaande om het arbeid dat bij deze groep past, weg te organiseren. Daarmee hebben we deze mensen ook voor een deel weg georganiseerd. En hebben we geen plek meer, waar ze ‘normaal’ kunnen functioneren, omdat ze per definitie als ‘abnormaal’ worden gezien.

Het einde van dit drama is nog lang niet in zicht. Er is nog een ontwikkeling gaande die het alleen maar verder versterkt. Wetenschappelijk onderzoek naar de werking van het brein en de invloed van genetica op de psyche  tonen aan dat veel karaktereigenschappen ‘ingebakken’ zitten in het systeem van de mens. Je kunt er met andere woorden niet zo heel erg veel aan doen, dat mensen nou eenmaal op een bepaalde manier in elkaar zitten. Een open deur zou je zeggen, maar voor de onderklasse betekent dit tevens het definitieve einde van het verheffingsideaal en het einde van de maakbare samenleving.  Hoop op verbetering is er niet: ze zitten nou eenmaal zo in elkaar.

Zie hier de bron voor het ongemak van de westerse samenleving met de onderklasse van de maatschappij: we weten echt niet meer wat we er mee aan moeten.

Zullen we niet eens een beginnen met accepteren dat ze er ZIJN?

Gepubliceerd door

Angela

Angelawerkt .... is Angela Riddering. Werkzaam bij de overheid en laat die beter werken.

Geef een reactie